100 Seiken choku-zuki. Beach Training 2010.

Weigering opname register

1.1.  Leeftijd
Behalve in de categorie topsport en filmindustrie (promotie via de media) beschikt iedereen die opgenomen wordt in het Internationale Budo Hall of Fame register over een minimale leeftijd van 50 jaar. Uitzonderingen worden niet gemaakt. Dit om een langdurige inzet te garanderen en te waarborgen en om statusjagers zoveel mogelijk op een veilige afstand te houden. Statusjagers kunnen zichzelf dus onder geen enkel beding bij het CBME inkopen!

1.2.  Open organisatiestructuur
Personen die aan alle eisen van het CBMA voldoen, maar die hun kennis enkel deelden met sport- of krijgskunstbeoefenaars binnen een gesloten organisatiestructuur, zullen onder geen enkel beding worden opgenomen in het Internationale Hall of Fame register daar er geen sprake is van een open en algemeen maatschappelijk gediend belang.

1.3. Bestuursleden
Organisatoren en bestuursleden van bonden, associaties, federaties en andere organisatiestructuren worden niet vanwege reguliere bondsverdiensten opgenomen in het register. Voor de eerbetuiging voor de inzet van deze mensen zijn de betreffende organisaties zelf verantwoordelijk. Al sinds jaar en dag woeden er regelmatig bittere oorlogen en vormen van machtstrijd en corruptie binnen de talloze organisaties die ons land rijk is. Dat is soms niet te voorkomen. Doch, bij iedere strijd ontstaan er minimaal twee kampen en dus verdeeldheid. Om het Internationale Hall of Fame register zo transparant, eerlijk en onpartijdig mogelijk te houden hebben wij bewust besloten om op alle mogelijke manier afstand te nemen van de bestaande organisatiestructuren. Zo blijft het Internationale Budo Hall of Fame register voor iedereen. Wel kunnen bestuursleden uiteraard gewoon in de Hall of Fame worden opgenomen vanwege buiten-bestuurlijke-activiteiten.

1.4.  Discutabele reputatie
Personen kunnen worden geweigerd indien uit onderzoek blijkt dat zij beschikken over een discutabele reputatie. Dit kan zijn doordat er gegronde redenen zijn om ernstig te twijfelen aan de echtheid van al wat er beweerd wordt rondom de persoon of omdat deze een ernstig crimineel verleden heeft opgebouwd. Notoire geweldplegers, drugdealers, seksdelinquenten, recidivisten en oplichters, of mensen die zich in ernstige mate met dergelijke personen hebben ingelaten, worden op geen enkele wijze tot het register toegelaten. Ook al heeft de persoon in kwestie zijn/haar straf uitgezeten en zijn/haar leven verbeterd, een Hall of Fame opname zal niet langer aan de orde zijn. Het CBME wil dan wel niet voor rechtbank spelen, maar wil – meer dan voor grootse sportprestaties alleen! – vooral garant staan voor een Internationale Hall of Fame die een zuivere en constructieve budomentaliteit uitademt. Wij mogen immers nooit vergeten hoe ongepast het zou zijn om een sportman of -vrouw op een erepodium te plaatsen terwijl zijn/haar slachtoffers en/of nabestaanden levenslang lijden voor iets ernstigs dat hen door deze persoon is aangedaan. Het streven van het CBME is immers om de budowereld voor buitenstaanders in een beter daglicht te plaatsen en niet om deze in hun vooroordelen te sterken. Hall of Famers die op een later tijdstip worden gearresteerd en berecht in verband met het plegen van ernstige misdrijven, zullen door het CBME alsnog worden verwijderd. Een veroordeling tot een penitentiaire straf is hiervoor wel noodzakelijk. Het CBME houdt zich onder alle omstandigheden aan de uitspraken van de rechter.

1.5.  Blood Sports in het algemeen
Het CBME honoreert geen deelnemers van de zogenaamde ‘Blood Sports’ zoals het Ultimate Fighting Championship, kooigevechten, free fights en andere competitievormen van soortgelijke strekking. Daar deze takken van vechtsportbeoefening volgens vele Nederlandse vechtsporters, evenals voor buitenstaanders, een negatief imago neerzetten van wat budo-sporten nu werkelijk inhouden of in zouden moeten houden. Wij van het CBME veroordelen niet en gunnen een ieder hun eigen vorm van vertier, maar maakten bij de oprichting in 2013 deze weloverwogen keuze. Het CBME wil immers een verschil maken en juist de positieve zijde van de budo-sporten belichten. Helaas voelen sommige vechtsporters zich hierdoor geheel ten onrechte verkeerd bejegend want het staat hen immers geheel vrij om een eigen podium voor deze tak van sport te creëren.

1.6. Onderlinge conflicten
Er zijn helaas vele langslepende vetes tussen meesters gaande. Hierdoor wordt soms de ene meester door de ander bekritiseerd als een charlatan, een gek of zelfs als een persoon zonder enige vaardigheden. Het CBME wil zich als onafhankelijke organisatie op geen enkele wijze inlaten met dergelijke persoonlijke kwesties, ergernissen en onderlinge haat en nijd. U dient te begrijpen dat wij de verplichting hebben om  volledig onafhankelijk te opereren en ons objectief op dienen te stellen, anders verliezen wij juist al onze geloofwaardigheid. Besef goed dat opname in de Hall of Fame enkel en alleen geschied op datgene wat de betreffende persoon voor de vechtsport doet of heeft gedaan! Of een persoon in zijn privéleven veel liegt, in een fantasiewereld leeft, in zijn zelfgeschapen legendes geloofd, er rare hobby’s op nahoudt of zich beter voordoet dan wie hij of zij in werkelijkheid is, is voor ons niet van belang. Wij zijn geen psychologische of antropologische instelling en mogen derhalve daar moreel gezien niet over oordelen. Leugens, opschepperijen en schaamteloze verzinsels zijn uiteraard bijzonder triest omdat het de geloofwaardigheid van de persoon in kwestie ernstig ondermijnt, doch, het is geen misdrijf of per definitie een vorm van dupering. Het CBME beperkt zich dus slechts tot datgene wat betrekking heeft op de sport en het algemene maatschappelijke belang. Pas indien blijkt dat de persoon in kwestie middels leugens of verzinsels derden heeft benadeeld worden deze meegenomen in ons oordeel.

1.7. Onrechtmatig verkregen certificaten
Iedere nieuwe opname in de Internationale Budo Hall of Fame wordt zo goed als mogelijk door ons gescreened op echtheid en betrouwbaarheid. Zoals een ieder weet zijn er relatief veel dan-graadkopers en oplichters actief. Valse, vervalste, gekochte of valselijk verkregen certificaten zullen door het CBME nooit worden geaccepteerd. Bij onze screening kunnen wij dan ook ver gaan. Zo controleren – indien nodig – twee professionele grafische experts de certificaten, diploma’s en foto’s op echtheid. Ook beschikken wij over een professionele bedrijfsrechercheur die een onderzoek kan instellen naar iemands achtergrond en antecedenten. Uiteraard kunnen wij helaas niet uitsluiten dat ook de onderzoekers van het CBME weleens iets over het hoofd zullen zien. Wij hopen dan ook op de ondersteuning en bewijslasten van derden die ons kunnen helpen om de Internationale Hall of Fame zo zuiver mogelijk te houden van ongewenste registeropnames. Wij hanteren daarbij dezelfde stelregel als in het Nederlandse rechtssysteem, namelijk dat een ieder onschuldig is totdat het tegendeel bewezen is. Maar mocht blijken dat een  voordracht niet naar alle eerlijkheid blijkt te zijn geschiedt, dan kan de gehuldigde alsnog door het CBME worden verwijderd en volgt er geen geldelijke restitutie.

1.8. Eretitels en graduaties van kleine organisaties
Ons land is talloze bonden, federaties en associaties rijk die niet zijn aangesloten bij nationaal of internationaal erkende organisaties. Doch, budoka die actief zijn binnen dergelijke kleine bestuursvormen lopen soms eveneens rond met hoge dan-graden en verkregen eretitels. Dergelijke graduaties en titels zijn vaak als doorns in het oog van de budoka die binnen de veel grotere, vaak strakker en strenger georganiseerde structuren actief zijn. Dit houdt voor het CBME echter niet in dat een dergelijk persoon niet evengoed gehuldigd kan worden met zijn/haar opname in de Hall of Fame. Een budoka wordt immers gehuldigd voor zijn/haar algemene verdiensten en inzet voor de budosport en niet vanwege zijn/haar behaalde of toegewezen graduaties. Daar zijn immers andere instanties voor. Mocht het CBME bestuur echter een reden zien om discussie en onderlinge strijd met andere organisaties te voorkomen dan kunnen wij overgaan tot het weglaten van de graduatievermelding van de gehuldigde in onze nieuwsrubriek en op social media. Wanneer echter blijkt dat een voorgedragen persoon zichzelf heeft gepromoveerd dan zal zijn/haar huldiging direct teniet worden verklaard. Daarnaast hebben vele stijlen een eigen begrip aangaande een titel. Neem nu bijvoorbeeld de titel ‘Shihan’ (meester). Deze titel dient men van oudsher te verdienen. Men krijgt er zelfs een officieel certificaat voor in Japan. Doch, hier in het westen is het veelal geaccepteerd geraakt dat Godan (5e dan) zichzelf ‘automatisch’ Shihan zijn gaan noemen. In weer een andere stijl ben je pas een Shihan zodra anderen je zo spontaan gaan noemen. Een lastige en soms gevoelige kwestie  dus, waartoe het CBME-bestuur zich niet geroepen voelt om deze te beslechten.

1.9  Negatieve houding jegens Hall of Fame / CBME
Geregistreerde leden van de Internationale Budo Hall of Fame worden verwijderd indien blijkt dat zij een negatieve houding aannemen jegens opname tot de Hall of Fame, of uit eigenbelang de goede naam van het CBME in haar hoedanigheid trachten aan te tasten door bijvoorbeeld  ernstige leugens en/of verwijten en/of andere vormen van nodeloze zwartmakerij. Ook kan het voorkomen dat er gehuldigden zijn die niets van zich laten horen na ontvangst van hun CBME Internationale Budo Hall of Fame oorkonde. Zij ontvangen dan van het CBME een e-mail met het verzoek een reactie te geven. Gebeurt dit wederom niet dan kan dit voor ons een reden zijn om de betreffende persoon uiteindelijk te verwijderen uit de Internationale Budo Hall of Fame aangezien wij het ‘niet reageren’ beschouwen als een teken dat de opname ‘niet gewenst’ is.

1.10  Het CBME recht op annulering
Opname in de Internationale Budo Hall of Fame is voor het leven. Doch, het Comité Behoud Martiaal Erfgoed behoud zich het recht om, indien blijkt dat oude of nieuwe feiten een Hall of Famer in ernstige diskrediet brengen, deze alsnog te verwijderen uit het register. Mocht er via derden ernstig bezwaarlijke bewijslast gevonden worden tegen een van de Hall of Famers dan behouden wij het recht om deze persoon per direct uit het Hall of Fame register te verwijderen. De bedoeling is dat de Internationale Budo Hall of Fame zo zuiver mogelijk wordt gehouden.

1.11  Niet-erkende Hall of Fame certificaten
Het zal onvermijdelijk zijn dat er in de loop der jaren personen op zullen duiken die over een officieel CBME Internationaal Hall of Fame certificaat beschikken zonder dat hun naam in het Hall of Fame register van het CBME voor komt. In dit geval kan het gaan (ondanks de door ons genomen veiligheidsmaatregelen zoals de dubbelzijdige bedrukking en het blindpreegzegel) om valse of vervalste certificaten. In andere gevallen kan het gaan om een officieel uit het Hall of Fame register verwijderd persoon. Namen van verwijderde personen zullen door het CBME bewust niet op onze site worden gepubliceerd. Wel kunt u, indien u twijfelt aan de echtheid van een Hall of Famer (uitsluitend telefonisch) informatie bij het CBME inwinnen. Het CBME is immers geen rechtbank en haar website geen schandpaal. Het CBME stelt het wel ten zeerste op prijs indien u bij twijfel over mogelijk valse of vervalste certificaten bij ons melding maakt van uw bevindingen.